Popcorn met een moraal

(deze filmbespreking verscheen op Exposed, de jongerenwebsite van EYE)

Wikus van der Merwe is een goedlachse bureaucraat. Huis aan huis verspreidt hij – volgens het boekje exact 24 uur van tevoren – uitzettingsbevelen in District 9, een gevaarlijke sloppenwijk in Johannesburg. Wanneer Van der Merwe ziet dat zijn beveiligers teveel munitie bij zich dragen spreekt hij hen daarop aan: ‘A smile is cheaper than a bullet.’ Desondanks loopt het regelmatig uit de hand: de aliens zijn helemaal niet van plan hun sloppen te verlaten. Wacht, aliens?

Van publieksfilms verwacht je zelden een wereldschokkende boodschap. Wie de massa wil bereiken, moet zijn publiek te vriend houden en dus maar beter niet provoceren. Toch gebruikt regisseur Neill Blomkamp in District 9 het Hollywood-recept om een verhaal te vertellen dat verder gaat dan boem!, bam!, kus! en ze leefden nog lang en gelukkig. De blockbusterformule stelt hem en een aantal hedendaagse filmmakers in staat maatschappelijke kwesties in een jasje van explosies en drama naar een groot publiek te brengen.

De premisse van District 9: een buitenaards ruimteschip bezoekt de aarde. Het reusachtige gevaarte vliegt merkwaardig genoeg niet richting de voor de hand liggende metropolen als New York, Londen of Hong Kong maar boven het Zuid-Afrikaanse Johannesburg. Daar worden de aliens, door iedereen beledigend ‘garnalen’ genoemd, in de quarantainezone District 9 apart gehouden van de lokale bevolking. Er ontstaat overlast, een zwarte markt en buitenaards gedonder. ‘Wat buitenaarde wezens zien als recreatieve bezigheden – wagens in brand steken, een trein ontsporen – is in onze ogen vernieling’, legt een keurig geklede journalist uit in de film. Het is duidelijk. District 9 moet worden ontruimd.

In de keuze van de aliens wordt de hand van de auteur Blomkamp (zelf geboren in Johannesburg) duidelijk: hier is de parallel met apartheid extra duidelijk. De titel is een zinspeling op District Six in Kaapstad, een wijk die in 1966 door de regering als alleen voor blanken werd bestempeld: 60.000 mensen moesten gedwongen verhuizen. Blomkamp gebruikt de Hollywoodmethode – in dit geval een verrassende combinatie van sciencefiction, mockumentary, komedie en actie – om een verhaal te vertellen dat de formule overstijgt.

Blomkamp is niet alleen. Met Inception (2010) maakte regisseur Christopher Nolan zowat een pamflet voor deze wijze van film maken. Deze film, volgens de bekende heist-filmformule (denk Ocean’s Eleven), gaat over een groep criminelen die een inbraak pleegt. Niet in huizen of kluizen, maar in dromen. Niet om iets weg te halen, maar om iets achter te laten. Een idee. In de film (zelf een collectieve droom) toont Nolan hoe beelden een idee kunnen doen ontsteken. Het is een goed voorbeeld van hoe Nolan megalomane films gebruikt om ideeën te zaaien.

De vorm van een blockbuster is om een aantal redenen zeer geslaagd voor een verhaal met een boodschap. Omdat de formule grotendeels bekend is komt de boodschap meer naar de voorgrond. We weten wat ons te wachten staat, waardoor er meer ruimte vrijkomt om op een boodschap te focussen. Die moraal komt ‘vrij te staan’ in een ruime jas van ontploffingen, liefdesscènes en achtervolgingen. Daarnaast, wie iets vertelt aan een miljoenenpubliek, heeft meer invloed dan wanneer de boodschap gericht is aan een select gezelschap.

Het gevaar is dat we met onze getrainde filmhuis-blik overal een ‘diepere’ betekenis denken te zien, zoals we in voorbijglijdende wolken ook altijd gezichten schijnen te herkennen. Maar in films als District 9 is de hand van de auteur zo duidelijk aanwezig, dat die gezichten daar wel met opzet geplaatst moeten zijn.