Waterlicht op het Museumplein

'Het zou grappig zijn als het nu zou gaan regenen, dan denk je dat je in een tent staat, maar dan wordt iedereen toch nat', stelt iemand zich voor. Licht kan substantie hebben, in ieder geval in ervaring. Boven het groene gras van het Museumplein hing de afgelopen drie dagen een blauwe deken van laserlicht en machinerook. Een overweldigend ervaringskunstwerk van spektakelkunstenaar Daan Roosegaarde, waar zich op het gras dan ook een flinke groep toeristen en nachtvolk voor verzamelde. Ontspannen keuvelend en drinkend onder het warme deken van licht en rook, als ware het een festivaltent voor of na een optreden.



Het veilige en bedekte gevoel staat in contrast met de eigenlijke betekenis van het werk. Aanleiding voor de installatie Waterlicht op het Museumplein is namelijk de recente aankoop van het schilderij 'De doorbraak van de Sint-Anthonisdijk bij Amsterdam' van de 17de eeuwse schilder Jan Asselijn. Dat schilderij verbeeldt een dijkdoorbraak. Het blauwe licht moet ons dus herinneren aan de bedreiging van daarbuiten. Aan het water dat ook hier zou staan, als we ons niet zouden wapenen met dijken.

De techniek, de lasers en rookmachines waar de installatie uit voortkomt, wordt niet verhuld en is duidelijk aanwezig. Je ziet hoe het werkt, maar toch heeft het iets magisch. Met technologie iets van de bedreiging van natuur 'daarbuiten' verbeelden: het lijkt me nog steeds een spannende tegenstelling.

Een interessante toegift gisteravond was de glow in the dark-strook op de wandelstrip over het plein, waar mensen met de flits van hun smartphone hun naam in 'graveerden'. In gehurkte groepjes met het licht tegen de grond produceerden ze als lassers hun vorm van futuristische en vandalisme-neutrale graffiti.